Elk medium heeft zijn rol en plaats: verslag van een week mediaherrie

Vincent Van QuickenborneHet was me het weekje wel. Een week van de clash der mediakanalen, waarin nieuwe media door het slijk werden gehaald en de klassieke media nogmaals dood verklaard werden.

Het begon allemaal met een foto. Van een bellende premier Yves Leterme in het kernkabinet. De fotograaf van dienst was Vincent Van Quickenborne, federaal minister van Ondernemen en Vereenvoudiging. Die de foto vervolgens op zijn Twitterpagina zette, waardoor zijn méér dan duizend ‘volgers’ op die manier bijna live aanwezig waren op een vergadering van de ministerraad.

Puberaal en nefast voor de politiek
Het was het dagblad De Morgen die de kat de bel aanbond. Die vond Van Quickenbornes gedrag ‘puberaal’ en ‘nefast voor het imago van de politiek’. De hamvraag was: “Mag een minister zijn communicatie op deze manier (via sociale netwerken) voeren?”. Volgens de Twittergemeenschap wel, al stelden sommigen zich de vraag of Q niets beter te doen heeft.

Kijk, ik ga dit debat niet verder openrekken. Er is hierover deze week al genoeg inkt gevloeid. Elk medium heeft nu immers zijn voor- en tegenstanders. En bij elk debat over de nieuwe digitale communicatietechnieken als blogs, Twitter of Facebook staan die vaak lijnrecht tegenover elkaar.

Nieuwe media zorgen voor nervositeit
Dit soort over-en-weer-geschreeuw in de media is niet nieuw. Toen de eerste wagens in het straatbeeld verschenen, zagen beursorganisatoren de wagen als een bedreiging voor hun business. Ondernemers zouden nu immers rechtstreeks hun klanten en leveranciers benaderen. De opkomst van de radio zou het einde van de kranten inluiden. De TV was het begin van het einde voor de radio. En internet ging er voor zorgen dat de rol van TV en van de papieren media uitgespeeld was.

Elke verandering brengt stress met zich mee. En bij de snelle opkomst en doorbraak van de nieuwe, interactieve communicatietechnieken als blogs, Twitter of Facebook is dat niet anders.

De voedingsbodem voor mediadiscussies heet ‘tunnelvisie’
Mag ik mij even in het midden plaatsen? En de ultra’s oproepen tot gematigdheid? De journalistiek, die deze week de communicatie op sociale netwerken nogmaals verketterden als ‘gezwets van het plebs’ en ‘riooljournalistiek’, moeten toch eens moeite doen om de vaak hoogstaande communicatie en informatie op diverse digitale platformen te erkennen als een nieuwe manier van communiceren die is en zal blijven.

Maar ook de webadepten, bloggers, twitterazi of social media experten leiden te vaak aan tunnelvisie, waarbij men niet verder kijkt dan z'n eigen medium en een zeer nauwe visie ontwikkelt op media en communicatie. Hun verhaal van internet als heilige graal houdt geen steek.

Het is eigen aan mediaspecialisten, in welke tak van de media ze ook zitten, om hun medium te verheerlijken en het belang van andere media te minimaliseren. Het is een rode draad in mijn marketingloopbaan.

Beste media-expert, beste journalist, beste ondernemer: de toekomst zal crossmediaal zijn. Waarbij elke mediavorm zijn plaats in het communicatieplan verdient. Waarbij geen enkele mediavorm zal verdwijnen. Er bestaan na alle mediarevoluties nog altijd beurzen, radio, TV, dagbladen, magazines en boeken.

Het is in marketingcommunicatie de kunst om de juiste mix te vinden. Dat is de allergrootste uitdaging voor de toekomst.

Elk medium heeft zijn rol en plaats: verslag van een week mediaherrie geschreven door Peter Desmyttere op 14-02-10 (6 maanden geleden) in Strategie, Internet.
Deel deze post

Reageer

Naam:
(*)
E-mail:
(*) zal nooit worden getoond
Website:
Onderwerp:
Bericht: